Hello Goodbye

Gepubliceerd door admin op

Joris Linssen (JL): ‘Goedemorgen. Wie is er weg?’

Ik: ‘Ik heb net mijn broertje en zijn vrouw afgezet bij de incheckbalie. Ze gaan terug naar Amerika.’ 

JL: ‘Daar wonen ze?’

Ik: ’Ja.’

JL: ’Al lang?’

Ik: ‘Mijn broertje woont er sinds een jaar of vier.’

JL: ’Is hij voor de liefde vertrokken?’

Ik: ’Nee, voor zijn werk. Hij heeft zijn vrouw daar leren kennen. Ze was eerst zijn huisgenoot. Afgelopen winter zijn ze getrouwd. Een bruiloft via Zoom, vanwege Corona. Ze hebben net een paar maanden geleden een huis gekocht.’ 

JL: ’Net een huis gekocht. Hadden ze dan wel tijd om naar Nederland te komen? In deze Coronatijd?’ 

Ik: ‘Nou…’ [stilte – slikt tranen weg] ’Mijn moeder lag op sterven. Ze zijn gekomen om afscheid te nemen van mijn moeder.’ 

JL: [aarzelend] ‘Je moeder lag op sterven?’ 

Ik: [knikkend, terwijl op lip bijtend] 

foto: PxHere

JL: ‘Ze is gestorven?’

Ik: ‘Ja, bijna vier weken geleden. De uitvaart was drie weken geleden.’ 

JL: ‘Gecondoleerd.’ [laat stilte vallen] ‘Was ze ziek?’ 

Ik: ‘Al jaren. Het begon met longkanker. Iets meer dan vijf jaar geleden. En uitzaaiingen in haar hersenen.’  

JL: ‘Dat klinkt heftig. Waren die uitzaaiingen er meteen?’

Ik: ‘Nee, ik denk een jaar, anderhalf jaar later. Vier jaar geleden. Toen was het echt kantje boord. Als ze niet met spoed geopereerd was, was ze al een paar jaar dood geweest. We hadden al afscheid genomen.’

JL: ‘Je had vier jaar geleden al afscheid genomen?’

Ik: ‘Ja.’ [blijft even stil] Mijn vader en ik hebben vaak gezegd dat het toen beter klaar had kunnen zijn. Dan was al die ellende daarna niet gebeurd.’

JL: ‘Hoelang heeft ze na die hersenoperatie dan nog geleefd?

Ik: ‘Bijna vier jaar nog.’ 

JL: [trekt een gezicht alsof hij onder de indruk is] ‘Dat is langer dan de meeste longkankerpatiënten.’ 

Ik: ‘Ja dat klopt. Mijn schoonvader heeft ook longkanker en die gaven ze nog maar een maand of drie. En dat is inmiddels al bijna tien jaar geleden. Maar hij leeft nog steeds.’ 

JL: [verbaasd] ‘Je schoonvader heeft ook longkanker?’

Ik: ‘Ja. Ook met uitzaaiingen naar z’n hersenen. Hij had er alleen veel meer. Zijn prognose was ook veel slechter dan die van mijn moeder. Hij kon alleen bestraald worden. En chemo natuurlijk.’ 

JL: ‘Poeh, wat heftig zeg.’

Ik: [knik]

foto: PxHere

JL: ‘En hoe gaat het nu met je schoonvader?’ 

Ik: ‘Heel goed eigenlijk. Hij is wel altijd moe, zijn evenwicht is weg en hij heeft een lamme poot. Maar hij leeft nog. En volgens mij is ’ie wel blij. Ik weet nog goed dat mijn schoonzusje zwanger was en dat we dachten dat ‘ie de geboorte niet zou halen. En nu heeft hij inmiddels hij drie kleinkinderen.’

JL: ‘Drie kleinkinderen van je schoonzusje?’ 

Ik: ‘Nee, mijn schoonzus en zwager hebben twee dochters. En ik heb met mijn vriend een zoontje.’

JL: ‘Ach, je hebt een zoontje. Hoe oud?’ 

Ik: ‘Twee.’

JL: ‘Dus je moeder heeft je zoontje nog wel gezien?’

Ik: [knikkend met tranen in de ogen] ‘Hij was er zelfs bij toeval bij toen ze overleed.’

JL: [vol ongeloof] ‘Meen je dat? Dat is wel heel bijzonder.’

Ik: ‘Ik denk dat ze erop gewacht heeft. Dat ze gewacht heeft tot we allemaal bij haar waren.’ 

JL: [knikt begrijpend] ‘Je bent hier vandaag alleen. Leeft je vader nog?’ 

Ik: ‘Ja, gelukkig wel. Ik weet eigenlijk niet waarom hij niet mee wilde. Misschien te beladen. Eigenlijk iedere keer als mijn broertje van het vliegveld gehaald of gebracht moest worden, stond dat in het teken van de ziekte van mijn moeder. Dus ik heb aangeboden om vandaag te rijden.’

JL: ‘Heb je nog andere broers of zussen?’ 

Ik: [hoofdschuddend] ‘Nee.’ 

JL: ‘Dus, nu jouw broer weer terug in het vliegtuig naar Amerika zit, ben jij nog alleen met je vader hier in Nederland?’

Ik: ‘Ja.’

JL: ‘En hoe is dat voor jou?’

foto: PxHere

Ik: ‘Ik weet het niet zo goed. Aan de ene kant voelt het alsof er een zware last van mijn schouders is gevallen. De laatste anderhalf jaar waren echt verschrikkelijk. Maar ik zie ook ontzettend op tegen de komende tijd. Om weer te gaan werken en opnieuw mijn plek in de wereld te vinden.’  

JL: ‘Ja, dat kan ik me voorstellen.’

Ik: ‘Maar ik weet dat dat goed gaat komen. Mijn moeder zei altijd: Alles komt goed. En zo niet, dan toch.’ 

JL: ‘Dat is een mooie spreuk. Alles komt goed?’

Ik: ‘Alles komt goed. En zo niet, dan toch.’

JL: ‘Mag ik je heel veel sterkte wensen komende tijd?’ [raakt schouder van geïnterviewde beetje ongemakkelijk aan] 

Ik: ‘Dankjewel.’

JL: [opgewekt] ‘Wat ga je nu doen?’ 

Ik: ‘Naar huis.’ 

close

Hoi 👋
je leest nog steeds!

Een mail ontvangen bij een nieuwe blog?

We sturen je geen spam! Lees ons [link]privacybeleid[/link] voor meer informatie.

Categorieën: praten

0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *